U woont thuis en u heeft steeds meer hulp nodig 

Laatste wijziging: 26 oktober 2018

U woont thuis en heeft hulp nodig in het dagelijks leven. Misschien krijgt u al ondersteuning vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning en/of de wijkverpleging vanuit de Zorgverzekeringswet. Maar u wordt ouder of uw gezondheid gaat achteruit, waardoor u meer hulp of intensievere zorg nodig heeft. Dat kan veel vragen oproepen. 

1. Wilt u thuis blijven wonen?

Wat vindt u belangrijker: de vrijheid van zelfstandig wonen of de voordelen van een zorginstelling, zoals dichtbij zorg, voorzieningen en contacten met andere bewoners? Maak voor uzelf de afweging en bespreek uw keuze met mensen om u heen, zoals familie of een mantelzorger. 

2. Kunt u thuis blijven wonen? Wie betaalt de zorg dan?

Thuis blijven wonen is vaak mogelijk, ook als u steeds meer zorg en ondersteuning nodig heeft. De zorg en ondersteuning wordt meestal betaald door uw gemeente en uw zorgverzekeraar. Voor ondersteuning vanuit de gemeente betaalt u een eigen bijdrage. De gemeente en zorgverzekeraar bespreken met u welke zorg u nodig heeft en hoeveel. Wanneer dit medisch noodzakelijk is, krijgt u ook ’s nachts zorg (wijkverpleging vanuit de Zvw). 

Krijgt u op dit moment te weinig hulp?

De gemeente (of het sociaal wijkteam) bekijkt dan samen met u welke ondersteuning u nodig heeft. Bijvoorbeeld (extra uren) begeleiding, huishoudelijke hulp of dagbesteding. Voor (extra uren) persoonlijke verzorging en/of verpleging kunt u contact opnemen met de wijkverpleegkundige. 

Overgang naar Wlz-zorg

Misschien past uw zorgvraag na verloop van tijd niet meer goed bij de Wmo en Zvw. Uw gemeente of wijkverpleegkundige zal dan met u bespreken of u een indicatie voor de Wet langdurige zorg (Wlz) kunt aanvragen. Ook met Wlz-zorg kunt u vaak thuis blijven wonen, zolang dat veilig en verantwoord is. Een Wlz-indicatie betekent dus niet automatisch dat u naar een zorginstelling verhuist. 

3. Op welk moment doet u een beroep op de Wet langdurige zorg (Wlz)?

Wlz-zorg komt aan de orde als u voldoet aan enkele criteria. 

Criteria voor de Wlz

Belangrijk is dat u dag en nacht zorg dichtbij of toezicht nodig heeft. Officieel heet dat: 24 uur per dag zorg in de nabijheid of permanent toezicht. Die zorg is bijvoorbeeld nodig vanwege ernstige lichamelijke beperkingen of vanwege een psychogeriatrische beperking (zoals dementie). Bovendien zijn voorwaarden dat:

  • u zelf niet meer kunt beoordelen wanneer u hulp moet oproepen, en/of
  • u lichamelijk niet meer in staat bent die hulp op te roepen, en
  • er direct een gevaarlijke situatie ontstaat als u op de hulp moet wachten. 

Meestal verandert de zorgvraag geleidelijk

In de praktijk is het vaak moeilijk te zeggen wanneer het tijd is voor de Wlz. Uw hulpvraag verandert waarschijnlijk geleidelijk. Het is belangrijk om dit op tijd te bespreken met de gemeente of uw wijkverpleegkundige. Zo voorkomt u dat u opeens snel keuzes moet maken. Ook is het goed om te beseffen dat de overgang naar de Wlz gevolgen kan hebben voor de hoeveelheid zorg die u krijgt en de eigen bijdrage die u betaalt. Zie hiervoor: Overgang van Wmo/Zvw-zorg naar Wlz-zorg

Voorbeelden van momenten waarop de Wlz aan de orde komt

  • De zorg vanuit uw gemeente of zorgverzekeraar past niet meer bij uw zorgvraag. Bijvoorbeeld omdat u dag en nacht zorg dichtbij of permanent toezicht nodig heeft. Zie Zorg vanuit de Wet langdurige zorg voor een toelichting op deze criteria. 
  • Uw gemeente of uw wijkverpleegkundige denkt dat u in aanmerking komt voor een Wlz-indicatie.
  • U wilt naar een verpleeghuis verhuizen.
  • U bent tijdelijk opgenomen, bijvoorbeeld om te herstellen van een operatie, maar kunt niet meer naar huis. Dan kan de zorginstelling u helpen om een geschikte plek in een verpleeghuis te vinden en een Wlz-indicatie namens u aanvragen. 

Wat verandert er als uw zorg overgaat naar de Wlz?

Hoe vindt u uw weg in de Wmo, Zvw en Wlz?